|
|
![]() |
|
In De Morgen van 31 december staat deze recensie van Ik ben je vriend. Gedeukte parelsdoor Wineke de BoerHet zijn huis- tuin en keukenverhalen, de verhalen van Gerard van Emmerik. Ze zouden zich in je eigen straat kunnen afspelen. Inmiddels heeft hij - naast twee romans - zijn vierde bundel gepubliceerd, Ik ben je vriend. En net zoals de verhalen in de vorige drie vertonen ook deze een mooie samenhang. Dat zijn personages allemaal hetzelfde wegrestaurant bezoeken en in elkaars verhalen opduiken, is een aardige gimmick, maar ook daarbuiten verhouden ze zich tot elkaar als parels aan een snoer. Het zijn wel gedeukte, beschadigde parels. Want het zijn allemaal anti-helden: de weervrouw met een drankprobleem die een jongetje ontvoert, de ex-gedetineerde die een jonge zwerver in huis haalt, de verveelde huisvrouw met een schuldcomplex. Ook doet zich in alle verhalen op meer of minder duidelijke wijze een omkering in macht voor. Het sulligste personage blijkt toch meer invloed te hebben dan hij dacht, en andersom: degene van wie je denkt dat hij of zij de touwtjes in handen heeft, wordt gegijzeld door de ander, of door de situatie. Van Emmerik schrijft in een verzorgde en strakke stijl, met aangenaam naturel klinkende dialogen. Zijn verhalen zijn broeierig. En naar. Zoals de titel naar is: Ik ben je vriend, dat kan alleen maar iemand zeggen die niet te vertrouwen is. Toch wordt Stein, de man die die woorden uitspreekt geloofd, door de zwakzinnige jongen Igor. Samen maken ze een tochtje in een luchtballon. Gerard van Emmerik |